De waterblues
Dit is de waterblues, dit is de waterblues.
Die kwam er zo pardoes. Dit is de waterblues.
Ik ben zo lang aan ’t zingen en mijn keel die doet al pijn.
Ik heb zo’n grote dorst, straks val ik helemaal in zwijm.
Dit is de waterblues, dit is de waterblues.
Geen overwinningsroes. Dit is de waterblues.
Ik hou het niet meer vol, mijn mond plakt toe, ik voel me flauw.
Ik kan niet goed meer slikken en mijn stem die klinkt zo rauw.
Dit is de waterblues, dit is de waterblues.
Zo’n jazzy mengelmoes. Dit is de waterblues.
Geen pompelmoes, geen slagroomsoes, geen appelmoes voor mij.
Ik hou het bij wat water van de watermaatschappij.
Slot
Geen pompelmoes, geen slagroomsoes, geen appelmoes voor mij.
Geen Assepoes of Robbedoes, dat maakt me niet zo blij.
Ik hou het bij wat water van de watermaatschappij:
“Ik heb zo’n dorst!!!”
